Niet te vretenTraxor woont op een klein Grieks eilandje en werkt daar ‘s zomers in de horeca. Sommige Nederlandse toeristen laten een onuitwisbare indruk achter.  Dit is het tweede verhaal. (Nummer één staat hier.)

Serveerster Dimitra komt boos binnenlopen. Ze wil tafel 12 niet meer bedienen. Als we vragen waarom niet, ontploft ze. Die arrogante zeikerds op 12! Ze spreken geen Grieks, geen Italiaans, geen Engels, ze zitten alleen maar te mokken en te zeiken, het zijn vast Duitsers!

Haar collega Penelope spreekt wel wat Duits en is ook minder lichtgeraakt, dus die gaat wel even kijken. Een minuut later is ze alweer terug. Het zijn ook geen Duitsers. “I think they’re from your country” zegt ze tegen mij, “Could you please ask them what they want?” Nou zit ik niet in de bediening maar ik heb toch even niks te doen, dus waarom niet.

Als ik op tafel 12 afloop hoor ik “Godsamme, daar komt nummer drie aankakken” en zie ik een Nederlands echtpaar van oudere leeftijd. Amsterdammers, aan het accent te oordelen. Om maar meteen duidelijk te maken dat ik hun opmerking gehoord en begrepen heb, zeg ik vriendelijk “Goeiemiddag. De derde, ja. Wat is het probleem?” De man schrikt even maar de vrouw laat zich niet uit het veld slaan. Zonder pauze of aarzeling begint ze meteen te spuien. Belachelijk dat niemand hier een beetje Nederlands spreekt, wat is dit voor een tent, waarom hebben we geen Bavaria, en de vis is natuurlijk uit de diepvries.

“Nou mevrouw, om te beginnen komt de vis niet uit de diepvries. Die is gewoon vers. Bavaria hebben we hier niet, wel Heineken, Amstel en een stel andere bieren, en Griekse serveersters spreken inderdaad maar zelden Nederlands.”

Mijn sarcasme gaat onopgemerkt voorbij. Eigenlijk gaat mijn hele antwoord onopgemerkt voorbij. De vrouw gaat door alsof ik niks gezegd heb. Of de calamari wel vers is. En hoe zit het met de pasteitjes? En wat zit er in een Griekse salade?

- Griekse salade? Rucola sla, tomaat, komkommer, uienringen, olijven en feta.
- Ik moet geen uien en olijven. En die feta al helemaal niet.
- Dus alleen sla, tomaat en komkommer?
- Ja hallo, dat zeg ik toch? Breng er maar één en als die goed is zien we wel verder.

Ze praat tegen me op een toon alsof ik haar hond ben. Ik heb zin om een vork in haar rug te steken. Daarom zit ik dus niet in de bediening. Ik ga weer naar binnen en geef de bestelling door. Eén Griekse salade zonder Griekse ingredienten voor tafel 12.

Even later gaat de salade naar tafel 12. En Amsterdam heeft kennelijk niet veel tijd nodig om ‘m af  te keuren want Penelope komt alweer naar me toe. “Please? Your people? There is a problem.” Godallemachtig, waarom gaan die mensen niet fijn op vakantie naar Almere?

- Wat is er aan de hand, mevrouw?
- Die sla is oud.
- Nee, die is vanmorgen geplukt. Absoluut.
- En de tomaten smaken raar. Veel te scherp voor tomaten.

Nu is het restaurant behoorlijk goed en het wordt in menige reisgids de hemel in geprezen. Met het eten is echt niks mis. Maar als je altijd van die waterige Albert Heijn kastomaten eet dan is een verse, in de Griekse zon gegroeide tomaat wel even wat anders, ja. Die hebben smaak. Tomatensmaak. Maar ik ga me er verder niet meer mee bemoeien. Klachten over het eten gaan naar de baas. Dat is de regel.

- Ik zal de eigenaar even halen, een ogenblikje.

Nikos, de eigenaar van het restaurant, is niet alleen mijn werkgever maar ook een goede vriend. Ik vertel hem dus precies wat ik van tafel 12 denk. De serveersters hadden ook al lopen mopperen dus hij kijkt er niet van op. Een beslissing is snel genomen en we lopen samen naar tafel 12. Nikos stelt zich voor en zegt “I understand from the staff that you have a lot of problems with my restaurant. You don’t like the service, you don’t like the menu, you don’t like the food, and you’re rude to my employees. I’m very sorry that we can not serve you the way you expect to be served. I think it’s better if you leave.”

Met plezier vertaal ik de tekst. Amsterdam is er even van in de war.

- Hij zegt dat we weg moeten? Hij zet ons eruit?
- Dat klopt.
- Maar dat gaat zo maar niet! Wij betalen om hier te eten!
- U heeft nog niets betaald. Gaat u maar.
- Geen rekening?
- Nee. Nikos, what about their bill?

“I don’t want their fucking money” bromt Nikos en loopt weg.
Ik hoef het niet te vertalen.